Tegen de stroom in voor een betere wereld

Contribute to a better world? Dat vinden de vier deelnemers aan dit rondetafelgesprek en De Rode Loper wel wat veel eer. Toch zijn ze stuk voor stuk bezig de wereld een beetje mooier te maken. Tegen de stroom in soms, maar ze zetten door. ‘Ik hanteer de stelling van Pippi Langkous: ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan’, daarmee verwoordt Herman Reinten de ware doorzettersmentaliteit. Het interview verscheen vandaag in de nieuwe editie van INN Twente.

Lees hieronder het hele artikel
 
global goal icon

In het kort

  • Afgelopen maandag vond De Rode Loper, hét traditionele nieuwjaarsevent van ondernemend Twente, weer plaats
  • INN'twente sprak vier 'minds of tomorrow' en podiumgasten van De Rode Loper, namelijk Carlijn Joosten, Tom Grobben, Herman Reinten en Robin Koops

Ze hebben allemaal hun eigen reden om door te zetten, soms dwars tegen de heersende mening in. Neem Herman Reinten, die werkt in de wegenbouw waarbij afvoeren en nieuw kopen de praktijk van de dag is. ‘Maar we kunnen niet ongebreideld materiaal uit moeder aarde blijven halen. We moeten effectief omgaan met materialen door ze langdurig te gebruiken en, als iets niet meer functioneert, de grondstoffen te hergebruiken.’ Reinten gelooft niet in eindeloos vergaderen, en besloot zijn woorden om te zetten in daden. In het nieuwe hoofdkantoor in Borne is zestig procent van de materialen straks afkomstig van de sloop en het gebouw voldoet aan de hoogste eisen van duurzaamheid. ‘Dat betekent dat je meer tijd moet nemen en vindingrijk moet zijn. We wilden gebruikte kalkgemetselde stenen voor de gevel, net als bij de boerderijen van vroeger. Niet te vinden. Nu laten we bij een sociale werkplaats gebruikte trottoirtegels breken. Zelfde effect en je hoeft niks nieuws te kopen. Duur? Dat lijkt zo. De prijs van alles wat je nieuw koopt, is vertekend. De prijzen zijn alleen maar zo laag dankzij prijsdumping en lage lonen. Kosten van al dat vervoer over de hele wereld en al die bewerkingen zijn niet meegerekend.’

Rentmeester

Reinten probeert zo veel mogelijk in de eigen regio te werken. ‘Ik heb een wegenbouwbedrijf, geen reisbureau. Wat is dat voor waanzin om busjes het hele land door te laten rijden?’ Om scherp te blijven op zijn duurzame doelstellingen stelde ReintenInfra Maurice Beijk aan als ‘Rentmeester 2050’. Beijk helpt het bedrijf om in het hele bedrijfsproces zes van de zeventien Global Goals van de Verenigde Naties te omarmen.

 

Terug naar de zuinigheid van vroeger is al een aanpak die werkt, ervaart Reinten, en het nuchtere boerenverstand. Hij krijgt bijval van Koops, die zegt regelmatig ‘verbijsterd’ te zijn. ‘Als je tank leeg is, koop je toch ook geen nieuwe auto? Zo gaat het feitelijk ook met de huidige insulinepomp: als die leeg is na drie dagen, moet je de hele pomp weggooien. Dat is toch verspilling. Waarom wordt zoiets niet meegenomen bij de toelatingseisen voor de markt? Bij ons product kun je de software uploaden en cartridges en infusen vervangen. Het apparaat is te refurbishen en als het echt op is kun je een nieuwe behuizing krijgen, gemaakt uit hergebruik. Ik vind het logisch dat je over al die stappen nadenkt, maar ik zie nog vaak dingen waarvan ik denk: hoe is het mogelijk?’

 

Aan nadenken heeft het ook nieuwe melkboer Grobben niet ontbroken. Sinds drie jaar telen hij en zijn broer op één hectare bij Enschede soja. De bonen worden geweld en gemalen, waarna de ‘melk’ eruit wordt gewonnen. ‘Dat klinkt simpeler dan het is, want het productieproces bepaalt de smaak. Is die te ‘bonig’ dan willen mensen het hier niet.’ In de plattelandsgemeenschap wordt niet negatief gereageerd, ‘al vinden ze het vast wel stadse fratsen’. Maar de broers krijgen soms wel vervelende reacties van hardcore veganisten die niet snappen waarom ze ook nog melkvee aanhouden. ‘Anderen waarschuwen juist dat er geen toekomst zit in wat we aan het doen zijn. Je moet leren die opmerkingen te laten afglijden, anders ga je heel slecht slapen. Wij geloven dat juist in de combinatie de toekomst van dierlijke en plantaardige eiwitten zit. Volgens het Voedingscentrum zou veertig procent van de eiwitten die we gebruiken dierlijk moeten zijn en zestig procent plantaardig, dat is het nu nog lang niet, maar er is een kentering. En we doen aan kringlooplandbouw: het restproduct van de soja gaat naar de koeien, de mest weer op de akker. Helemaal in de lijn van minister Carola Schouten, ja.’

"Maak duidelijk dat het mes aan twee kanten snijdt."

Robin Koops, uitvinder kunstmatige alvleesklier

Olievlek

Gewoon doorgaan, wat iedereen ook mag zeggen, adviseert Reinten. Klein beginnen, met het afschaffen van plastic bekertjes en roerstaafjes in je eigen bedrijf, en niet onder elk bureau een vuilnisbak met een plastic zak. Een warmtesysteem dat de boel niet opstookt tot 25 graden, zelfs als het vriest dat het kraakt, maar bij 18 graden al afslaat. ‘Eerst is het mopperen, maar dan vertellen ze het thuis en zeggen de kinderen: goed bezig, pa. Je moet klein beginnen, dan wordt het een olievlek en wordt je omgeving je ambassadeur.’

 

Carlijn is het roerend met hem eens. ‘Ik wil graag iets goeds doen voor de wereld. Bij Create Tomorrow helpen we bedrijven die vanuit de sustainable development goals van de Verenigde Naties bezig willen gaan met een uitdaging. Als we met die enorme denktank alleen ideeën zouden ontwikkelen voor winstmaximalisatie zou ik me daar niet zo voor inzetten. Bij Create Tomorrow kunnen we studenten met goede ideeën verbinden met bedrijven die ook de wereld mooier willen maken, samen kom je verder. En in het klein kijk ik wat ik zelf kan doen, bijvoorbeeld door geen vlees meer te eten.’ Een duurzaam bedrijfsproces moet over de hele keten gaan, vinden de vier. Tom: ‘wij dachten: we doen de sojamelk in glazen flessen, dat is het beste. Maar dan kom je erachter dat dat pas na vijf keer hergebruik zo is, omdat het smelten ook weer een berg energie kost. Bovendien moet je product ook efficiënt te vervoeren zijn. Er zijn geen simpele antwoorden.’ Carlijn merkt dit al in de supermarkt: ‘paprika’s in plastic verpakt, dat vond ik echt onzin. Maar ik las dat ze anders veel sneller bederven, en er dus veel meer worden weggegooid. Je moet het maar weten. Wat dat betreft kan de hele informatievoorziening ook nog een stuk beter.’

"Je samen verdiepen in een uitdaging"

Carlijn Joosten, Create Tomorrow

Doorbouwen

Wie wat wil bereiken moet doorzetten, weten ze alle vier. Koops heeft lang moeten vechten voor zijn vinding kan worden toegelaten op de markt. ‘Natuurlijk is er heel veel regelgeving voor medische apparatuur, dat is ook goed. Maar dat maakt wel dat je een lange adem moet hebben en moet durven doorbouwen aan iets waarvan je niet weet of het de patiënten ooit zal bereiken. Als ik die stip op de horizon niet had gehad, was ik allang afgehaakt.’

 

Daarbij is het zaak de samenwerking te zoeken. ‘Pas als alle partijen het voordeel zien en het een gezamenlijk belang wordt, gaan alle partijen ervoor lopen. De ziektekostenverzekering kan op 1 patiënt 180.000 euro besparen met deze vinding, maar ze willen er nog geen 20.000 euro voor betalen. De eerste reactie bij iets nieuws is helaas om je meteen te verschuilen achter regels, te kijken waar het mis zou kunnen gaan. Maar dan kom je geen stap verder. Je moet duidelijk maken dat het mes aan twee kanten snijdt en dan samen de kansen onderzoeken. In ons geval een beter leven voor diabetespatiënten en een enorme besparing voor de verzekeraars.’

 

Reinten herkent de noodzaak tot samenwerking en een gezamenlijke visie. ‘Wat wij willen, zet het hele bouwproces op de kop. De architect tekende staalconstructies van 5,5 meter, maar ik kon ze uit de sloop alleen van 5 meter vinden. Dat vraagt om een andere manier van denken, ook bij de architect: je moet het doen met wat beschikbaar is. Die flexibele aanpak past natuurlijk in geen enkele wet- en regelgeving, waarbij alles tot de centimeter moet worden vastgelegd. Ik ben met de gemeente Borne in gesprek gegaan en heb meteen gezegd: als we dit allemaal via het traditionele proces gaan doen, wordt het nooit wat. Je moet die ambitie om het te laten slagen samen delen, de mindset moet bij iedereen in het proces om. Dat kan alleen als je een helder doel voor ogen houdt, en dat ook deelt.’

"Als je erbovenop gaat zitten, kan het niet groeien"

'Nieuwe Melkboer' Tom Grobben

Eigen kracht

Dat delen vond nieuwe melkboer Grobben nog wel lastig, in het begin. ‘We waren ook wel bang dat de concurrentie er dan met ons idee vandoor zou gaan. Maar je móet het er wel over hebben, anders kom je niet verder. We hadden er al veel tijd en energie in gestoken, maar nog geen goed product ontwikkeld en nog niks verkocht, toen we met een groot artikel in NRC Handelsblad kwamen te staan. Dat leverde een stroom aan reacties op. Ook van mensen die het een sympathiek idee vonden en wel wilden helpen. Je moet van je eigen kracht uitgaan; als je je idee bij je houdt en er bovenop gaat zitten, kan het niet groeien.’ Koops heeft dezelfde ervaring: sinds hij Nationaal Icoon is geworden, krijgt hij steun van de overheid en toegang tot allerlei adviseurs. ‘Wie niet kan delen, kan ook niet vermenigvuldigen. Ik ben niet bang voor concurrenten. Wie nu nog wil beginnen, loopt sowieso al vijftien jaar in ontwikkeling achter’, stelt hij de jonge ‘melkboer’ gerust.

 

Carlijn onderstreept die noodzaak van een open opstelling. ‘Bedrijven die bij Create Tomorrow aankloppen, komen er zelf op een bepaald vlak niet uit. Dan kun je zelf blijven zoeken, maar je kunt je uitdaging ook voorleggen aan studenten die er met een open mind op een heel andere manier naar kijken. Maar dan moet je wel de moed hebben om aan te kloppen. Het zou mooi zijn als nog veel meer bedrijven zich aanmelden bij Create Tomorrow.’

"Aanpakken, dan kom je een heel eind"

Herman Reinten, eigenaar Reinten Infra

Ondersteuning

Wat hebben deze ‘minds of tomorrow’ nodig om de wereld echt beter te maken? Geld, roept Grobben spontaan, en dat lokt luid lachen uit bij de rest. Herkenbaar dus. Maar de nieuwe melkboer weet ook wel dat financiering slechts één aspect van succes is. ‘We krijgen inmiddels wel subsidies, onder andere van de provincie Overijssel, dus dat gaat best goed. Misschien is het nog wel belangrijker om goede partners te zoeken die je kunnen ondersteunen en versterken.’ Daar is uitvinder Koops het helemaal mee eens. ‘Als je geen geld hebt, dwingt je dat tot creativiteit. Natuurlijk heb je financiën nodig om te kunnen doorontwikkelen, maar wij hebben nog geen tien procent uitgegeven van wat een farmaceut in zo’n proces zou spenderen. Het belangrijkste is om mensen de voordelen te laten inzien en dan samen voor dat ene belang te gaan.’

 

Carlijn denkt ook dat samenwerken de sleutel is tot succes. ‘Je samen verdiepen in een uitdaging, elk vanuit je eigen invalshoek, dat kan heel krachtig zijn. Ik zie dat veel bedrijven al heel bewust bezig zijn met vraagstukken uit de Global Goals en dat is hoopgevend. Maar het kan nog een stuk beter. Daarom willen we ook internationale studenten laten aansluiten, om het effect nog groter te maken. En werken we samen met Novel-T zodat de ideeën die op die twee dagen worden ontwikkeld, niet in een la belanden maar echt verder worden uitgewerkt.’ Reinten zou blij zijn als andere bedrijven in zijn sector mee zouden gaan in de duurzame aanpak. ‘Het gaat niet om de voorloper, het gaat om de volgers. Je moet bereid zijn ervoor te gaan. Het kost ons veel geld, maar als vader en opa voel ik een verantwoordelijkheid voor mijn kinderen en kleinkinderen op de lange termijn. Toen Tony Chocolonely begon met zijn slaafvrije chocola riep ook de halve wereld dat zoiets niet kon. Maar het lukte wel, en hoe: het werd een groot succes. Je moet de markt meenemen in je gedachtengoed en dat kan alleen door het voor te doen, ook al druist dat soms overal dwars tegenin. Ik hanteer de stelling van Pippi Langkous: ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan. Aanpakken, dan kom je een heel eind, is mijn ervaring.’

Datum: 6 januari 2020
Bron tekst: INN'twente
Beeld / video: INN'twente